Luc Aben drukt niet op de verkoopknop voor aandelen

Het beloofde een relatief rustige macro-economische week te worden. Totdat Donald Trump zondag besloot het handelsconflict met China op te porren. Hij is niet tevreden over de voortgang van het overleg met die andere economische grootmacht en maakte dat met een tweet bekend.

Vanaf aanstaande vrijdag wil de Amerikaanse president bij 200 miljard dollar aan Chinese goederen het importtarief verhogen van 10% naar 25%. Bovendien neemt hij de 325 miljard dollar overblijvende Chinese importen in het vizier. Dit betekent dat Trump mogelijk alle handel vanuit China naar de Verenigde Staten aan 25% invoerbelasting onderwerpt.

Tot op heden reageert China stoïcijns en gaat onverminderd door met de voorbereidingen van het handelsbezoek aan de VS op 9 en 10 mei. 

Aandelen reageren slecht op dit nieuws, dat spreekt voor zich. De beurzen in Shanghai en Shenzhen gaan maandagochtend 5% tot 6% onderuit. De beurs van Hong Kong beperkt het verlies tot ongeveer 3%. Europese beurzen leveren gemiddeld 1,5% in en de Amerikaanse futures kleuren ongeveer 2% rood.

Verrassende zet

De zet van Trump om spoedig hogere heffingen op Chinese goederen in te voeren komt als een verrassing. Tot voor het weekend leek het erop, dat een handelsdeal tussen de VS en China aanstaande was. Beleggers hielden steeds minder rekening met een escalatie van het conflict. Een negatieve afloop zat steeds minder ‘in de aandelenkoersen’.

De vraag is nu in welke mate Trumps meest recente beweging in de handelsoorlog tot een regelrechte escalatie zal leiden. Of in welke mate het een ‘tactische zet’ is met het oog op de gesprekken die voor deze week op de agenda staan? Tot nu toe zijn die nog niet geschrapt. Aan de ene kant voelt Trump zich misschien gesterkt door het sterke koersverloop op de aandelenbeurzen in de afgelopen maanden en de aanhoudende gezonde Amerikaanse arbeidsmarkt. Aan de andere kant spiegelt hij het succes van zijn presidentschap graag af aan de stand van de beurs.

De Amerikaansen aandelenbeurs hangt in belangrijke mate af van de Amerikaanse economie, dat een relatief gesloten economie is. Minder afhankelijk van het buitenland. Maar toch sijpelen internationale ontwikkelingen uiteindelijk ook in Amerika door, zodat een verdere vertraging van de wereldwijde economische groei door het handelsconflict als een boemerang kan terugkomen. Iets wat Trump, als het erop aankomt, zal willen vermijden.

Al is de economische onzekerheid toegenomen, voorlopig drukken wij niet op de verkoopknop voor aandelen. Wij zien Trump’s twittergedrag als een nieuwe tactische zet in het handelsschaakspel. Maar we volgen het verdere verloop van het handelsconflict natuurlijk op de voet. Overigens merken wij op dat de bedrijfswinsten en de macro-economische cijfers in de VS voldoende goed blijven en de aandelencasus ondersteunen.

Amerikaanse inflatie blijft matig

De belangrijkste macro-economische cijfers deze week komen uit de VS en China. Vrijdag krijgen we nieuwe Amerikaanse inflatiecijfers. Wij verwachten geen spectaculaire veranderingen. Het verloop van de inflatie zal gematigd blijven. Bijvoorbeeld omdat de arbeidsproductiviteit in de VS opsprong in het eerste kwartaal. De loonkosten per eenheid product daalde zelfs met 0,9% in het eerste kwart van het jaar. Dit betekent, dat ondanks de aanhoudende economische groei en ondanks de krappe arbeidsmarkt, producenten tóch ‘goedkoop’ kunnen blijven produceren.

Beleggers zullen de nodige aandacht hebben voor de Amerikaanse inflatie, ook al wordt niets spectaculairs verwacht. Zeker nadat ze vorige week toch even schrokken van de woorden van Fed-baas Jerome Powell. Nadat de Amerikaanse centrale bank in januari een bocht maakte en geduld predikte bij eventuele nieuwe renteverhogingen, begonnen veel beleggers al te rekenen op een regelrechte rentedaling.

Powell gooide echter koud water over de hoop voor een lagere rente. De Federal Reserve vindt dat de matige inflatie te wijten is aan tijdelijke factoren. Lees: ‘wij zijn niet van plan om snel de rente te verlagen.’ Om te vermijden dat beleggers overvallen worden door de vrees voor een hógere beleidsrente van de Federal Reserve, is het nu belangrijk dat de inflatie inderdaad gematigd blijft.     

Wachten op betere Chinese cijfers

Vanuit China verwachten we import- en exportcijfers voor de maand april. De invoercijfers geven een indicatie van de binnenlandse Chinese dynamiek, waar de export een thermometer is voor de wereldwijde economische temperatuur.

De komende maanden rekenen we op China om de groeivertraging van de wereldeconomie te counteren. Beleidsmakers namen sinds medio 2018 een aantal stimulerende maatregelen. Het is nu wachten of die enig effect hebben.

Vorige week waren de nieuwe PMI’s (vertrouwen van Chinese ondernemers in de economie) matig. Dat duidt erop, dat de eventuele omschakeling naar een hogere versnelling voor de economische groei hoe dan ook een geleidelijk proces zal zijn. Het verdere verloop van het handelsconflict is hierbij natuurlijk ook een belangrijke factor.

Binnenlandse vraag centraal in Europa

Die Europese economie leverde vorige week een positieve verrassing af. De voorlopige inschatting voor de groei in het eerste kwartaal overtrof de verwachtingen met z’n 0,4% (op kwartaalbasis). Vooral Spanje (+0,7%) presteerde sterk, terwijl Italië (+0,2%) er zowaar in slaagde uit de recessie te klauteren.

Met name de Europese binnenlandse vraag hield zich goed in de eerste maanden van het jaar. Zolang de internationale omgeving geen verbetering vertoont, zal die binnenlandse dynamiek ook de komende kwartalen belangrijk blijven. In die zin zijn de detailhandelsverkopen in maart (publicatie maandagochtend) het belangrijkste Europese agendapunt deze week.

Bedrijfsresultaten blijven degelijk

De bedrijfsresultaten over het eerste kwartaal blijven ook deze week binnenstromen. Meer dan tweederde van de Amerikaanse ondernemingen legde al verantwoording af over hun prestaties in de eerste drie maanden van het jaar. In Europa zijn we over de helft.

Hoewel iets gematigder, blijft het algemene beeld hetzelfde zoals we dat vorige week al schetsten: de cijfers vallen mee. Driekwart van de Amerikaanse kwartaalwinstcijfers is boven verwachting van analisten, in Europa is dat iets meer dan de helft. In beide regio’s neemt de winst per aandeel met gemiddeld 3% toe tegenover dezelfde periode in 2018. Filteren we daar de energie- en grondstoffensectoren uit, dan is dat zelfs 4%.

De stijging van de winst per aandeel in de VS en Europa is geen spectaculair cijfer, maar het is in ieder geval beter dan de regelrechte winstdaling waar vooraf rekening mee werd gehouden. Het is ook bemoedigend dat ondernemingen er in slagen om omzetgroei te realiseren, vooral in de VS. Dat zegt iets over het algemene economische klimaat.

Beurzen reageren matig

Ondanks de beter dan verwachte kwartaalcijfers reageren aandelenbeurzen matig. Beter dan verwachte bedrijfsresultaten worden nauwelijks gewaardeerd, terwijl missers een fikse afstraffing krijgen. Wellicht hebben deze reacties te maken met de forse rit die markten sinds begin dit jaar al aflegden. Maar het onderstreept vooral dat beurzen toch kwetsbaarder zijn geworden. Dat een verbetering van het macro-economische klimaat, vooral in Europa en China, de komende tijd des te belangrijker.

 

Belangrijke macro-economische publicaties

Van 6 mei tot

en met 10 mei

Publicatiedag

Regio/land

Publicatie van

Periode

Consensus

Maandag

Eurozone

Kleinhandelsverkopen YoY

Maa

2,3%

 

China

Caixin PMI Services

Apr

52,8

Woensdag

China

Export YoY

Apr

2,3%

 

 

Import YoY

Apr

-3,6%

Vrijdag

VS

CPI-inflatie YoY

Apr

2,1%

 

 

CPI kern-inflatie YoY

Apr

2,1%